Wat maakt de Spaanse Pyreneeën zo bijzonder? In onze ogen is dat de combinatie van een ruige natuur, gastvrije Spanjaarden, een fantastisch klimaat en de afwezigheid van massatoerisme. Zelfs in de zomermaanden zijn er voldoende plekken waar je de natuur voor jezelf hebt en waar je ongestoord kunt genieten van de omgeving. De dorpjes zijn oud, de sfeer is landelijk, nergens hoogbouw en geen Piet Patat. Hierdoor staat de plaatselijke bevolking nog positief tegenover toeristen en word je overal bijzonder gastvrij ontvangen. Keerzijde is dat er behalve een mengeling van Catalaans en Spaans vrijwel geen andere talen worden gesproken en dat sommige voorzieningen nog klassieke (soms onnavolgbare) Spaanse sluitingstijden hanteren. Dit heeft uiteraard juist ook z’n charme en als gast van ons zal je hier geen hinder van ondervinden.
Zwemwater is gelukkig in diverse soorten aanwezig, want het kan hier behoorlijk warm worden. De dichtstbijzijnde plek is vlakbij ons vakantiehuis en het pension, dat is de rivier die door ons dorp stroomt. Er zijn plekken met praktisch stilstaand water (ook geschikt voor kleine kinderen), maar ook plaatsen waar je je lekker een stukje met de stroom kan laten meevoeren. ‘s Ochtends is water altijd laag en rustig, ‘s middags kan het wat harder stromen als de sluizen stroomopwaarts worden opengezet.
De 2e optie is een waterval op een half uurtje lopen van ons huis. Hier kan je niet echt zwemmen, maar wel in de waterval staan en dammen bouwen, kinderen vinden deze plek altijd geweldig!
De 3e optie is onze eigen favoriet: 5 min. rijden van ons huis, aan dezelfde rivier als die door ons dorp stroomt, maar iets meer stroomafwaarts. Deze plek bestaat uit een soort stenen plateau, deels in de schaduw en deels in de zon en je kunt van diverse hoogtes van dit plateau in het water springen. Geen toerist kent ‘t, soms zijn er een paar Spaanse locals.
De 4e plek is het stuwmeer van Graus. Kwartiertje rijden, strandtent met lekkere pizza’s en drankjes, muziek, grasveldje, kano’s, waterfietsen, etc. Op alle vier deze plekken is het water brandschoon en kraakhelder, geen enkel probleem dus als je een keer per ongeluk een slok binnenkrijgt.
We zitten met Chill-Outdoor in het dorpje Perarrua. Dat telt in de winter zo’n 30 inwoners en in de zomer 150. In Perarrua zitten twee andere casas rurales (waar we ook mee samenwerken, zie Accommodatie), verder zijn er geen winkels of andere voorzieningen. Op negen kilometer van Perarrua ligt Graus. Dit stadje beschikt wel over alle noodzakelijke faciliteiten zoals winkels, markt, een medisch centrum en diverse restaurants en cafés. Graus is de hoofdstad van de deelprovincie Ribagorza. De provincie heet Huesca en deze provincie maakt weer deel uit van de autonome regio Aragon met als hoofdstad Zaragoza. Aragon is ongeveer anderhalf keer zo groot als Nederland en is daarmee één van Spanje’s grotere autonome regio’s. Er wonen in Aragon echter slechts ruim één miljoen mensen, dus iedereen heeft hier alle ruimte.
In de jaren ’60 zijn veel Spanjaarden vanuit de dorpen naar de steden vertrokken. Gevolg is dat alleen al in Aragon meer dan 600 compleet verlaten dorpen zijn. Deze dorpen liggen over het algemeen afgelegen en zijn meestal alleen te voet of per mountainbike te bereiken. Vaak zijn de dorpen nog helemaal intact, soms staat zelfs een deel van huisraad er nog in. Voor de liefhebbers kunnen we een bezoek aan dit soort verlaten dorpen inbouwen tijdens de wandeltochten en mountainbiketochten in de nabije omgeving.